Het geheugen van de vakbeweging

Frank Schreiner: … Het concept-wetsvoorstel uit 1923 is zeer modern. Zo is de ondernemingsraad direct een zelfstandig orgaan van de onderneming. Maar het stelt ook expliciet dat de werkgever de ondernemingsraadsvergaderingen niet bijwoont…


Begrip ‘ondernemingsraad’ 100 jaar oud

Het is dit jaar 100 jaar geleden dat het begrip ondernemingsraad zijn intrede deed in de woordenlijst van de Nederlandse arbeidsverhoudingen. De gebeurde door het publiceren van een eerste initiatiefwetsvoorstel dat werd opgesteld door de Sociaal-Democratische Arbeiders Partij (SDAP) en het Nederlands Verbond van Vakverenigingen (NVV). De tekst van het wetsvoorstel was opgenomen in een bijlage van het rapport “Bedrijfsorganisatie en Medezeggenschap”, waarin een commissie van deze twee organisaties voorstellen deed om het bedrijfsleven en ondernemingen te democratiseren. Ten eerste door het instellen van “Bedrijven”, brancheorganisaties waarin (vertegenwoordigers van) werkgevers en werknemers de Bedrijfsraad (het bestuur) vormden. En ten tweede door het instellen van ondernemingsraden in ondernemingen met tenminste 20 werknemers.

Ondernemingsraad

Daarmee is het ook 100 jaar geleden dat de term ondernemingsraad zijn intrede deed. Dat valt tenminste af te leiden uit een voetnoot bij de samenvatting van het rapport in het dagblad Voorwaarts van 13 december 1923. Daarin werd gemotiveerd waarom de term ondernemingsraad werd geïntroduceerd voor een medezeggenschapsorgaan op ondernemingsniveau: “Wij zullen het Duitsche woord „Betriebsrat” door „ondernemingsraad” weergeven en niet (zooals in de pers zonder uitzondering geschiedt) door „bedrijfsraad”. Deze laatste terminologie zou tot groote verwarring aanleiding geven, vooral waar hier te lande de termen „bedrijfsraad” en „bedrijfsradenstelsel” reeds gangbaarheid hebben verkregen ter aanduiding van de organisatie van een geheele bedrijfstak. Wij spreken dus van „o n d e r n e m i n g s r a a d” in een afzonderlijke onderneming; van „b e d r ij f s r a a d” voor een geheele bedrijfstak.

Bedrijven of Bedrijfschappen als benaming voor de publiekrechtelijke bedrijfstakorganisaties is uiteindelijk pas in 1950 geregeld in de Wet op de bedrijfsorganisatie die in hetzelfde jaar als de Wet op de ondernemingsraden (WOR) van kracht werd en die tot 2015 is blijven bestaan. De huidige bedrijfscommissies hebben hieraan nog steeds hun naam te danken. De op grond van die wet in te stellen bedrijfschappen hadden namelijk een taak in het bewaken van de toepassing van de WOR en een rol bij het beslechten van geschillen. Waar nog geen bedrijfschappen waren ingesteld stelde de SER voorlopig bedrijfscommissies in. Het woud van tientallen bedrijfschappen en bedrijfscommissies is pas in de 21ste eeuw gesaneerd en teruggebracht tot twee bedrijfscommissies, een voor de profit sector en een voor de non-profit sector (en een voor de overheid die niet bij de SER is ondergebracht).

Zelfstandig orgaan van de onderneming

Het wetsvoorstel uit 1923 is zeer modern en heeft al veel trekken van de huidige WOR. Zo is de ondernemingsraad direct een zelfstandig orgaan van de onderneming. Het wetsontwerp stelt dat de ondernemingsraad op veel punten overleg pleegt met de werkgever. Maar het wetsvoorstel stelt ook expliciet dat de werkgever de ondernemingsraadsvergaderingen niet bijwoont. Tenzij de vergadering op zijn verzoek is uitgeschreven of als de ondernemingsraad hem daartoe uitnodigt. In dat geval woont de werkgever de vergadering verplicht bij. Verder worden er geen grenzen gesteld aan de te behandelen onderwerpen. Artikel 29 bepaalt niet alleen dat de ondernemingsraad de werkgever bij moet staan bij het bevorderen van de bloei van de onderneming, maar ook dat hij de werkgever van advies dient over alle zaken de onderneming betreffende.

Veel elementen uit het huidige zorgartikel 28 komen ook al voor. Zo moet de ondernemingsraad toezicht houden op de naleving van de CAO. En op de “inrichtingen van veiligheid, gezondheid, hygiëne, de schaft-, kleed-, was- en badgelegenheden, enz.”. Daartoe pleegt de ondernemingsraad niet alleen overleg met de werkgever, maar ook met de Arbeidsinspectie.

Er is ook een voorloper van het huidige artikel 29 WOR. De ondernemingsraad neemt in het voorstel deel aan het beheer van met de onderneming verbonden voorzieningen ten behoeve van het personeel. Indien een bestuur of commissie met dat beheer wordt belast wijst de ondernemingsraad de meerderheid van het aantal leden daarvan aan.

Arbeidsregelingen

Behalve toezicht houden op naleving van de collectieve arbeidsovereenkomst (CAO) heeft de ondernemingsraad ook een taak in het, in overleg met de werkgever, uitwerken van regelingen op grond van de CAO. Ook kan de ondernemingsraad in overleg met de werkgever arbeidsregelingen aanvullen uit bestaande collectieve overeenkomsten, dan wel zelf arbeidsregelingen opstellen waar die in de CAO ontbreken. Indien er in dat overleg geen overeenstemming wordt bereikt beslist een in te stellen Scheidsgericht.

Ook het informatierecht wordt goede geregeld. In een paraplu-artikel wordt de werkgever verplicht de ondernemingsraad alle gewenste inlichtingen over de gang van zaken te geven. En daar bovenop moet ieder kwartaal schriftelijk verslag worden uitgebracht over de toestand van de onderneming en de vooruitzichten in de onderneming en het bedrijf (= de bedrijfstak – F.S.) in het bijzonder wat de behoefte aan arbeidskrachten betreft.

Verder wordt bepaald dat de ondernemingsraad inzage heeft in de loonlijsten van de onderneming. Tevens heeft de ondernemingsraad inzage in de balans en de verlies- en winstrekening. Die balans moet een goed en duidelijk beeld geven van de onderneming. Bovendien moeten balans en verlies- en winstrekening als de ondernemingsraad daarom vraag worden voorgelegd aan een door de ondernemingsraad aan te wijzen boekhoudkundige.

Indirecte medezeggenschap op strategisch niveau

In de opzet van het wetsontwerp is de ondernemingsraad, net als in de huidige wet, een orgaan van de onderneming. Een orgaan dat zich vooral met operationele en arbeidsvoorwaardelijke zaken bezig houdt. Medezeggenschap op strategisch niveau heeft de ondernemingsraad alleen indirect. Hij mag één (als hij minder dan 15 zetels heeft) of twee mensen uit zijn midden aanwijzen die toetreden tot de Raad van Commissarissen en die volledig gelijkgesteld zij aan de overige commissarissen.

 Frank Schreiner

September 2023

Zie ook Harry Peer, Medezeggenschap in vier dimensies, Verslag van SBI-VHV themabijeenkomst 8 september 2023

Enkele belangrijke artikelen uit de Wet op de Ondernemingsraden

Art. 1: In alle ondernemingen, welke in den regel ten minste 20 volgens deze wet stemgerechtigde werknemers in dienst hebben, worden ondernemingsraden opgericht. In alle ondernemingen, welke in den regel minder dan 20, maar ten minste 5 stemgerechtigde werknemers in dienst hebben, wordt door de werknemers een raadsman gekozen.
Art. 31: De werkgever is verplicht aan de ondernemingsraad alle gewenste inlichtingen over de gang van zaken te geven.

Voorts is de werkgever verplicht ieder kwartaal aan de ondernemingsraad schriftelijk verslag uit te brengen over de toestand van de onderneming en de vooruitzichten in onderneming en bedrijf , in het biezonder wat de behoefte aan arbeidskrachten betreft.

Art. 46: Is de onderneming een naamloze vennootschap, welker statuten in de benoeming van kommissarissen voorzien, dan benoemt de ondernemingsraad, indien hij 15 leden of minder telt, uit zijn midden één kommissaris en indien hij meer dan 15 leden telt, twee kommissarissen, waarvan bij voorkeur één tot de hoofd- en één tot de handarbeiders moet behoren.