Het geheugen van de vakbeweging

Henk Sneevliet, Semarang, circa 1917

Indonesisch socialisme, bolsjewisme, en het spook van het anarchisme

‘Volk van Java, de Russische Revolutie houdt ook lessen in voor U’

Op 18 maart 1917 verschenen in kranten in Nederlands-Indië de eerste berichten over een geslaagde revolutie in Rusland. Na dagenlange muiterijen en straatprotesten was op 15 maart, in wat volgens de oude juliaanse kalender de Februarirevolutie is gaan heten, Tsaar Nicolaas II afgezet en vervangen door een voorlopige regering. Socialisten in Nederlands-Indië volgden de gebeurtenissen in Rusland met spanning. De bekende Nederlandse socialist Henk Sneevliet, die van 1913 tot 1918 in Nederlands-Indië werkte en voorzitter was van de Indische Sociaal-Democratische Vereeniging (ISDV), schreef direct nadat hij het nieuws gehoord had een juichend artikel onder de titel ‘Zegepraal’. In het artikel, dat de volgende dag in dagblad De Indiër verscheen, schreef Sneevliet over zijn vreugde en ontroering toen hij de berichten las over de straatprotesten en over de soldaten die weigerden te schieten op opstandelingen. Hij benadrukte het belang van deze revolutie voor het verdere verloop van de Eerste Wereldoorlog en ook de mogelijke gevolgen van de Russische Revolutie voor Nederlands-Indië. De Indonesische boerenbevolking had zich weliswaar sinds Diponegoro en de Java-oorlog van 1825 angstig stil gehouden, ondanks voortdurende onderdrukking, uitbuiting en politieke repressie, maar Sneevliet zag belangrijke overeenkomsten tussen de onderdrukte Indonesiërs en de Russische bevolking: Volk van Java, de Russische revolutie houdt ook lessen in voor U. Ook het Russische volk duldde een onderdrukking van eeuwen, was arm en grootendeels analfabeet als gij. Het won de zege alleen door onafgebroken strijd tegen een regeering van geweld en van misleiding. Sneevliet  spoorde de Indonesiërs aan om zich in navolging van de Russen sterk te maken voor hun bevrijding. “Dan kan het niet anders, of het volk van Java, van Indië zal vinden, wat het Russische volk gevonden heeft: Zegepraal.”

Henk Sneevliet aangeklaagd

Henk Sneevliet, zittend midden, omringd door leden van de Indonesische Sociaaldemocratische Vereniging, november 1917

Het artikel in De Indiër vormde voor het Openbaar Ministerie aanleiding om Henk Sneevliet aan te klagen voor het opwekken van vijandschap jegens de Nederlandse en koloniale regering en het aanzetten tot opstand van de bevolking. Eind november 1917, toen in Rusland inmiddels de Oktoberrevolutie was uitgebroken, vond het proces tegen Sneevliet plaats. Ondanks de vijandige toon in de Nederlandstalige pers werd hij in april 1918 van alle aanklachten vrijgesproken. Het proces bracht Sneevliet en de ISDV veel publiciteit en de mogelijkheid om in een negen uur durende verdedigingsrede het Nederlandse kolonialisme hard aan te vallen. Het verslag van het proces werd bovendien in boekvorm in Nederlands-Indië verspreid.

Maar niet alleen voor het gouvernement was Sneevliets ‘Zegepraal’ aanstootgevend. Dit artikel zal betogen dat de Russische Revolutie en de reactie van Sneevliet op drie manieren doorwerkten op de socialistische beweging in Nederlands-Indië en de laat-koloniale politiek in het algemeen. Allereerst veroorzaakte Sneevliets stuk een felle discussie binnen de ISDV, die uiteindelijk zou uitmonden in een definitieve breuk tussen parlementairen en revolutionairen in Nederlands-Indië. In de tweede plaats vertaalden Sneevliet en de zijnen de gebeurtenissen in Rusland in een bevestiging dat de revolutionaire beweging zich moest afkeren van de kleine Nederlandse gemeenschap, en zich moest richten op de buitenparlementaire organisatie van de Indonesische massa’s. Tot slot leidden deze politieke verschuivingen tot een veranderende semantische invulling van politieke begrippen als ‘anarchisme’ en concepten als ‘tijdigheid’, en een politieke herwaardering van de Indonesische boerenbevolking. Zij werd van een onvolwassen, ongeschoolde en ‘anarchistische’ massa tot een potentieel revolutionaire achterban. Dit artikel eindigt daarom met een bespreking van het spook van het anarchisme dat door Nederlands-Indië waarde.
De belangrijkste vakliteratuur over socialisme in Nederlands-Indië dateert reeds van meer dan dertig jaar geleden. Buiten het standaardwerk van Ruth McVey over de communistische beweging tot 1927, die ook de Komintern bespreekt en de gangen nagaat van Indonesische ballingen in het buitenland, kenmerken deze werken zich door een geconcentreerde aandacht voor de kolonie zelf. Gebeurtenissen op het internationale toneel worden niet in de analyse meegenomen.

Inspirerende gebeurtenis

Hoewel de Russische Revolutie meestal genoemd wordt als een inspirerende gebeurtenis blijft het onduidelijk welke aspecten van deze revolutie inspirerend waren, en hoe deze werd ingezet in het politieke debat. Over anarchisme in Nederlands-Indië is bovendien tot op heden niets verschenen, hoewel daar gelet op recente publicaties over anarchistische bewegingen buiten Europa en Latijns-Amerika wel reden voor is. Dit artikel beoogt in deze lacunes te voorzien, en duidelijk te maken hoe socialisten in Nederlands-Indië, gebaseerd op hun eigen ervaringen en analyses, invulling gaven aan de ontwikkelingen in Rusland. De meest geëigende bronnen hiervoor zijn contemporaine socialistische tijdschriften in Nederlands-Indië.8 Hoewel deze tijdschriften een bescheiden oplage hadden, hadden ze een groot bereik onder de kleine kring Nederlandse en geletterde Indonesische socialisten in de kolonie.9 Daarnaast zal gebruik gemaakt worden van bronnenpublicaties en contemporaine brochures.

Conclusie

Het nieuws van de Russische Revolutie in 1917 werkte op verschillende manieren door in Nederlands-Indië. In de eerste plaats was ze een schrikbeeld voor het gouvernement en het grootste deel van de Nederlandstalige pers, zeker toen in november 1918 ook in Nederland revolutie dreigde en partijen in Nederlands-Indië verregaande hervormingen begonnen te eisen. Maar ook voor de socialistische beweging, die tot dan toe in één partij verenigd was, werd de politieke omwenteling in Rusland een splijtzwam. Spanningen die – evenals elders in de socialistische beweging – al langer bestonden in de ISDV tussen een parlementaire en een revolutionaire vleugel kwamen naar aanleiding  van de Russische Revolutie tot een hoogtepunt met de uittreding van sociaaldemocraten.

De overgebleven socialisten, die in 1920 hun partij omdoopten tot de Indonesische communistische partij PKI en zich aansloten bij de Komintern, oriënteerden zich nadien op de Sovjet-Unie en op de internationale communistische beweging. Ook voor de beoordeling van de situatie in Nederlands-Indië zelf was de Russische Revolutie van belang. Het nieuwe beeld van het revolutionaire Rusland werd geënt op al bestaande beelden van het land onder socialisten in Nederlands-Indië. Van oudsher stond Rusland bekend als een agrarische en grotendeels onderontwikkelde maatschappij die lange tijd onder het tsarisme gebukt was gegaan en pas recent kennis had gemaakt met industriële ontwikkeling en de moderne revolutionaire arbeidersbeweging. Zo bezien had het land belangrijke overeenkomsten met Nederlands-Indië, dat eveneens een grotendeels analfabete en ongeschoolde boerenbevolking kende, dat gebukt ging onder kolonialisme en waar de ISDV en de VSTP pas recent waren begonnen met het organiseren van arbeiders. Het feit dat de eerste succesvolle socialistische revolutie ter wereld in een vergelijkbare maatschappij plaatsvond, was dan ook een belangrijke steun in de rug. Een dergelijke actieve hertaling van de Russische Revolutie naar de Indonesische context is te zien in het gebruik van oude en nieuwe politieke begrippen zoals ‘bolsjewisme’ en ‘anarchisme’.  Meestal werden deze begrippen niet opgevat als vastomlijnde en nauwgedefinieerde politieke ideologieën en strategieën, maar als veranderlijke verzameltermen. Voor sommigen was ‘anarchisme’ synoniem voor (mobilisatie onder) oncontroleerbare en licht ontvlambare massa’s. Voor anderen duidde het begrip op onbenut revolutionair potentieel onder de Indonesische boerenbevolking.

Op een vergelijkbare manier gingen achter ‘bolsjewisme’ ideeën schuil over de verantwoordelijkheden van activisten voor de gevolgen van hun propaganda, en over het belang van organisatie en discipline binnen de beweging. Hoewel van een zelfbewust anarchistisch activisme geen sprake was, waarde het spook van het anarchisme in Nederlands-Indië wel degelijk rond. Aanvankelijk plaagde het vooral de tegenstanders van mobilisatie onder de Indonesische bevolking – de politie, het gouvernement, conservatieven maar ook sociaaldemocraten – maar naarmate de PKI groeide en door repressie moeilijker haar eigen afdelingen in bedwang kon houden, begon het anarchisme ook de Indonesische communisten dwars te zitten.


Klaas Stutje

Dit is een verkorte versie van het verhaal dat in het Tijdschrift voor Geschiedenis 2017 nr 3 is gepubliceerd, Het volledige verhaal is te downloaden van de website Het geheugen van de vakbeweging…

Over de auteur

Klaas Stutje, auteur van dit artikel

Klaas Stutje is verbonden aan het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis IISG) te Amsterdam, waar hij onder andere werkt binnen het NWO-project ‘Four Centuries of Labor Camps: War, Rehabilitation, Ethnicity’. Hij publiceert over laat-koloniaal Indonesisch socialisme, nationalisme en internationalisme, maar ook over dwangarbeid en de geschiedenis van arbeidsverhoudingen in Nederlands-Indië.