Het geheugen van de vakbeweging

Nel Bouwhuizen met Nima – Aan de wieg van het “positieve discriminatiebeleid”


“Arbeidsverkorting binnen de vakbeweging is inconsequent met veel te lange werkdagen”

Nel Bouwhuijzen (1937-2021)

Nel Bouwhuijzen kwam in november 1962 op 25-jarige leeftijd als stenotypiste in dienst bij het NVV. In 1969 werd ze adviseur personeelszaken. De meeste (oud-) FNV-ers kennen haar echter vooral als hoofd personeelszaken van de vakcentrale NVV en FNV in de 70- en 80-er jaren. Onder haar leiding werden veel bestuurders en beleidsmedewerkers, die later een belangrijke rol zouden gaan spelen in vakbeweging en politiek, aangenomen. Maar Nel stond ook aan de wieg van het “positieve discriminatiebeleid” dat personeelszaken in die jaren onofficieel voerde. De eerste vrouwelijke NVV-districtsbestuurder was in 1970 een feit. Velen zouden volgen. In die tijd waren er minder vrouwen met een hogere opleiding en speelde ook de opvoeding nog een rol. Dat deed Nel verzuchten: “Mannen hebben vaak beter geleerd zichzelf te verkopen, hebben vaak meer lef en branie, durven ook eerder te solliciteren naar functies die boven hun niveau liggen. Vrouwen wordt geleerd zich wat bescheidener te gedragen”. In 1980 vond ze het tijd dat het FNV Federatiebestuur een definitieve uitspraak deed over het positieve actiebeleid en werd dat officieel. Maar Nel constateerde nog wel een “schoonheidsfout”: “De FNV heeft een prachtig personeelsbeleid. Goede regelingen, een voorbeeldige CAO. Maar we maken één schoonheidsfout en dat is de werktijd. We streven naar een verkorting van de arbeidstijd voor iedereen, waardoor onder andere zowel vrouwen als mannen meer tijd hebben voor het huishoudelijke werk, maar met de lange werkdagen die we zelf maken zijn we inconsequent”.

Knipoog naar Dolle Mina

Nel Bouwhuijzen was tevens actief lid van Mercurius, de voorloper van de FNV Dienstenbond, in zowel het vrouwenwerk als in de democratiseringsbeweging die in die jaren 70 rondwaarde door de vakbeweging (Maatschappijkritische vakbeweging). In de afdeling Amsterdam van Mercurius maakten de vrouwelijke leden zich, met een knipoog naar Dolle Mina, sterk als actiegroep “Baas in eigen bond”. Het afdelingsbestuur was niet erg gelukkig met die oppositie. Bob Reinalda merkt daarover in De Dienstenbonden, klein maar strijdbaar op: “Vooral de naast haar werk als personeelsfunctionaris bij het NVV andragogie studerende Nel Bouwhuijzen heeft op die oppositie grote invloed”.

In het vrouwenwerk maakte Nel zich sterk voor de positie van vrouwen in het NVV en was ze mede organisator van de Diskriminatiebeurs in Dronten (17 oktober 1970) waar duizenden NVV vrouwen bijeen kwamen om gelijke kansen te eisen op het gebied van onderwijs, arbeidsmarkt, politiek, gezinsleven en maatschappij. De beurs heeft destijds veel stof doen opwaaien: Koos Postema besteedde er een uitzending van “Een klein uur U” aan en het Polygoon journaal maakte er een verslag van. Ook qua vorm was de Diskriminatiebeurs uniek: de vrouwen organiseerden  een kramenmarkt met een schandpaal waarop de bezoeksters hun klachten konden plakken. Van bijeenkomsten met een inleider en discussie daarna, hadden de vrouwen meer dan genoeg.

Passie voor de natuur

In augustus 1981 vertrok Nel Bouwhuijzen naar het IVN Instituut voor natuurbeschermingseducatie. Zij had ook een enorme passie voor de natuur. Het IVN groeide in die tijd snel, doordat er geld van de rijksoverheid vrijkwam. Dit volgde uit onderhandelingen met de vakbonden over het ‘aftoppen’ van ambtenarensalarissen vanwege economisch moeilijke tijden. Daardoor konden elders nieuwe arbeidsplaatsen ontstaan. Voor het IVN kwamen 10 formatieplaatsen beschikbaar. De IVN website vermeldt daarover: “Nel Bouwhuijzen was Consulent Organisatie. Zij was het gezicht van het IVN naar de afdelingen toe. Zij bood ondersteuning bij de oprichting en functioneren van afdelingen. Het was namelijk niet altijd koek en ei binnen afdelingen. Zij was ook actief in de tijdschrift redactie. In 1995 ging zij met vervroegd pensioen, maar bleef als vrijwilliger actief in de afdeling Ronde Venen”.

Als IVN gids organiseerde ze excursies in onder andere de Botshol, waar ze vanuit een roeiboot uitleg gaf over flora en fauna. Daarnaast was Nel actief als vrijwilliger bij de Stichting Ontwikkelingssamenwerking in De Ronde Venen. Ze maakte diverse reizen naar Nepal en Tanzania, waar ze de bouw van scholen begeleidde en onherbergzame gebieden bezocht. Ze gaf gastlessen en schreef columns daarover in de lokale krant. Deze memoreerde haar als ”gedreven en avontuurlijk, bevlogen en reislustig”.

Videoclub

Sinds ik in 2010 ook in De Ronde Venen kwam wonen, hadden we weer contact. Het eerste dat ik moest zien waren de films die Nel gemaakt had van haar reizen naar Nepal en Tanzania. Ze was lid van een videoclub en raakte steeds bedrevener in het knip- en plakwerk, ondertitelen en geluid toevoegen. Daarna kwamen we bij elkaar op verjaardagen of kwamen we elkaar tegen in de lokale politiek. Nel had ooit de PvdA afdeling in Vinkeveen opgericht.

Zij was verknocht aan haar hondje Nima dat overal mee naar toe ging (in de fietstas of de auto). Een half jaar geleden ging Nima dood. Een zoektocht naar een nieuw hondje mocht niet baten, door corona was er inmiddels een run op huisdieren ontstaan. Nel overleed na een kort maar heftig ziekbed op 27 mei 2021 aan de gevolgen van botkanker. Een bescheiden, maar daadkrachtig vakbondsmens is van ons heen gegaan.

Ans van Uffelen

Juni 2021